NL|FR|EN
Identification
        
Delen |
Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing ploegen- & nachtarbeid : uitbreiding naar de binnenvaart

18.03.2019


De Wet tot wijziging van het wetboek van de inkomstenbelasting 1992 voor betreft de fiscale bepalingen van de jobsdeal breidt de bestaande gedeeltelijke doorstortingsvrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor ploegen- & nachtarbeid uit naar de binnenvaart. Meer specifiek geldt de doorstortingsvrijstelling vanaf 1 januari 2019 tevens voor de systeemvaart. Omwille van een ontbrekend doch verplicht te hanteren aangifteformulier kan de vrijstelling evenwel nog niet toegepast worden.

Bestaande vrijstelling voor ploegen- en nachtarbeid: situering

Sinds juli 2004 genieten werkgevers een gedeeltelijke doorstortingsvrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor werknemers die ploegen- of nachtarbeid verrichten. Deze vrijstelling bedraagt inmiddels 22,8 procent van de bezoldiging van de betrokken werknemers.

 

Uitbreiding naar systeemvaartregimes in de binnenvaart

De Wet tot wijziging van het wetboek van de inkomstenbelasting 1992 voor betreft de fiscale bepalingen van de jobsdeal breidt de bestaande vrijstelling voor ploegen- en nachtarbeid uit naar de werknemers die middels een systeemvaartregime werken in de binnenvaart. Het betreft een arbeidsregeling met toepassing van de sector-cao van 3 oktober 2012 met betrekking tot het invoeren van een regime van systeemvaart, een regime waarbij een werknemer maximaal 30 ononderbroken dagen aan boord van het schip blijft.
De sleepdienstactiviteiten zijn wel uitgesloten van de vrijstelling.


Opdat de werkgever de vrijstelling kan toepassing, is vereist dat hij de systeemvaartoeslag van 18,5 procent toekent.

De uitbreiding treedt in werking vanaf 1 januari 2019, meer specifiek kan ze toegepast worden voor bezoldigingen toegekend vanaf 1 januari 2019 aan deze werknemers. De vrijstelling is beperkt voor de bezoldiging waarvoor de werkgever ook effectief de toeslag van 18,5% toekent, waarbij deze toeslag inbegrepen is in de berekeningsbasis.

 

1/3e norm is van toepassing

De 1/3e norm die geldt voor de vrijstelling voor ploegen- en nachtarbeid, geldt ook voor de uitbreiding naar de binnenvaart. De vrijstelling kan bijgevolg enkel toegepast worden voor zover de werknemer in de betrokken maand minstens 1/3e van zijn werktijd in een systeemvaartregime was tewerkgesteld.

 

Plafond vrijstelling

Een onderneming mag de vrijstelling niet (meer) toepassen indien het totaal van de toegekende vrijstelling en andere door de federale overheid of door een gewest toegekende steun die onder het toepassingsgebied valt van Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het  Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimis steun, en die in de loop van het huidige en de laatste twee afgesloten belastbare tijdperken werd toegekend aan deze onderneming of aan een vennootschap die deel uitmaakt van dezelfde groep van vennootschappen als deze onderneming, meer bedraagt dan 200 000 euro.

 

Verplichte aangifte steun

Met het oog het plafond moet elke onderneming die van de vrijstelling gebruik wenst te maken, de bovenvermelde steun aangeven middels een model. Op het ogenblik van de eindredactie van dit artikel was dit verplichte model er nog niet.
 

Update dd. 24/7/2019: het model is is inmiddels beschikbaar. Meer informatie in ons actua-artikel van 24/7/2019 (link).


Bron: wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelasting 1992 voor wat betreft de fiscale bepalingen van de jobsdeal (parlementair document n° 3482 - link), B.S. 5/4/2019 (link).

Depondt Wim - legal advisor


Aanverwante artikels: bedrijfsvoorheffing

Schrijf u in voor onze newsletter en blijf op de hoogte!

  
Siteplan | Gebruiksvoorwaarden | Privéleven | Contacten        Group S 2017