02 Bevoegdheid van het paritair comité

Paritair (sub-)Comité nr.:
140.00.00-00.00

Bijwerking: 22/03/2016
Geldig vanaf: 11/03/2010
Geldig tot: 03/11/2021

Een koninklijk besluit van 6 september 2012 (BS van 9 oktober 2012) richt een nieuw paritair subcomité bevoegd voor de verhuizing op.

U vindt hierna uitleg over :

Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek

Artikel 1

Bevoegd voor de werknemers die hoofdzakelijk handenarbeid verrichten en hun werkgevers, te weten:  

1. Alle ondernemingen voor wegvervoer voor rekening van derden; de autobussen en autocars met uitzondering van stadsautobussen; de taxi's; de verhuisondernemingen en elk ander vervoer zowel met paarden als met motorrijtuigen voor rekening van derden. 

Het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek is niet bevoegd voor vervoerondernemingen voor rekening van derden die vallen onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de petroleumnijverheid en -handel, het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, het Paritair Comité voor de handel in brandstoffen, het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten en het Paritair Comité voor het stads- en streekvervoer.

Tot 17 mei 2007 was het mogelijk dat de economische activiteit van vervoer voor rekening van derden onder het ressort van andere paritaire comités werd ondergebracht zonder overleg met de vervoersector. Sinds 17 mei 2007 wordt een regeling ingesteld waarbij eventuele wijzigingen alle betrokken sectoren moeten worden betrokken. De paritaire comités die reeds bevoegd zijn voor een gespecialiseerd vervoer voor rekening van derden behouden deze bevoegdheid.

2. Ondernemingen die voor rekening van derden uitsluitend logistieke activiteiten uitoefenen.

Onder logistieke activiteiten wordt verstaan : ontvangst, opslag, weging, verpakking, etikettering, voorbereiding van bestellingen, beheer van voorraden of verzending van grondstoffen, goederen of producten in de verschillende stadia van hun economische cyclus, zonder dat er nieuwe halfafgewerkte of afgewerkte grondstoffen, goederen of producten worden voortgebracht.

Deze definitie trekt een duidelijke scheidingslijn tussen de intrinsieke logistieke activiteiten en activiteiten zoals assemblage en productie. Ondernemingen waarvan de laatstgenoemde activiteiten de bestaansreden vormen, zijn duidelijk productieondernemingen die tot de bevoegde productiesector behoren.

Onder “voor rekening van derden” wordt verstaan: het uitvoeren van logistieke activiteiten voor andere natuurlijke of rechtspersonen en onder voorwaarde dat de ondernemingen die voor rekening van derden logistieke activiteiten uitoefenen op geen enkel ogenblik eigenaar van de betrokken grondstoffen, goederen of producten worden.

Deze definitie steunt op het principe dat het bevoegd paritair comité wordt bepaald voor de juridische werkgever die een arbeidsverhouding met de werknemers heeft. Er wordt verduidelijkt dat onder "voor rekening van derden" moet worden begrepen dat de onderneming geen eigenaar mag zijn of worden van de grondstoffen, goederen of producten die het voorwerp zijn van de logistieke activiteiten.

Met ondernemingen die voor rekening van derden logistieke activiteiten uitoefenen worden gelijkgesteld de ondernemingen die bij verbonden vennootschappen van de groep grondstoffen, goederen of producten aankopen en deze grondstoffen, goederen of producten verkopen aan verbonden vennootschappen van de groep en in zo verre deze grondstoffen, goederen of producten tevens het voorwerp zijn van logistieke activiteiten.

Onder een groep van verbonden vennootschappen wordt verstaan de verbonden vennootschappen die tevens voldoen aan de voorwaarden gesteld in artikel 11, 1°, van de wet van 7 mei 1999 betreffende het Wetboek van vennootschappen.

Distributiecentra die functioneren binnen een - meestal internationale - groep van ondernemingen en die, in tegenstelling tot de hogere definitie van "voor rekening voor derden", eigenaar worden van de goederen die zij behandelen, worden gelijkgesteld met logistieke ondernemingen. Dit op voorwaarde dat zowel de aankoop als de verkoop van de goederen, grondstoffen of producten binnen de groep van ondernemingen gebeurt. 

Deze gelijkstelling is gemotiveerd door het feit dat sensu stricto deze ondernemingen een groothandelsactiviteit uitoefenen, maar eigenlijk geen echte handelaars zijn doordat zij niet zelf hun verkoopprijzen en winstmarges bepalen, geen verkoopsorganisatie hebben en een beperkt en vooraf bepaald cliënteel hebben. Hun activiteiten hebben dezelfde finaliteit als deze van de logistieke ondernemingen. Om deze ondernemingen duidelijk te onderscheiden van de echte groothandelsondernemingen wordt voorzien dat zij deel moeten uitmaken van een groep van verbonden vennootschappen die voldoen aan de voorwaarden gesteld in artikel 11, 1° van de wet van 7 mei 1999 betreffende het wetboek van vennootschappen. Deze bepaling bakent de grenzen af van de bedrijfstak waarvoor het paritair comité bevoegd is terwijl de activiteit van de onderneming zelf het criterium vormt om het bevoegd paritair comité in concreto te bepalen. 

Het Paritair comité voor het vervoer en de logistiek is niet bevoegd voor de ondernemingen die voor rekening van derden uitsluitend logistieke activiteiten uitoefenen en de daarmee gelijkgestelde ondernemingen wanneer deze logistieke activiteiten een onlosmakelijk onderdeel vormen van een productie- of handelsactiviteit waarbij deze logistieke activiteiten opgenomen zijn in de bevoegdheid van een specifiek paritair comité.

Worden uitgesloten de ondernemingen die voor rekening van derden logistieke activiteiten uitoefenen of daarmee gelijkgestelde ondernemingen, die logistieke activiteiten uitoefenen voor productie- of handelsondernemingen en onlosmakelijk verbonden zijn met deze laatste activiteiten. Wanneer deze logistieke activiteiten opgenomen zijn in het bevoegdheidsgebied van een specifiek paritair comité dan blijft dit comité bevoegd, onder de bovengenoemde voorwaarden, anders ressorteert de onderneming onder het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek.  

Het Paritair comité voor het vervoer en de logistiek is niet bevoegd voor de ondernemingen die voor rekening van derden uitsluitend logistieke activiteiten uitoefenen of voor de daarmee gelijkgestelde ondernemingen die ressorteren onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, het Paritair Comité voor de petroleumnijverheid en -handel, het Paritair Comité voor de handel in brandstoffen of het Paritair Comité voor het havenbedrijf".

Gezien de specifieke arbeidsomstandigheden en de veiligheids- en gezondheidsvoorschriften worden de scheikundige nijverheid P.C. 116), de petroleumnijverheid P.C. 117), de brandstoffenhandel P.C. 127) en het havenbedrijf (P.C. 301)uitgesloten uit de bevoegdheid van het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek: deze paritaire comités hebben dus de voorrang op het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek (P.C. 140) wat betreft hun logistieke activiteiten.

3. Ondernemingen voor grondafhandeling op luchthavens

Onder grondafhandeling wordt begrepen platform-, passagiers-, bagage-, grondtransport- en vracht- en postafhandeling en bijstand aan bemanning.

Onder luchthavens wordt begrepen elk bepaald grond- of wateroppervlak (met gebouwen, installaties en materiaal) in hoofdzaak bestemd om, geheel of gedeeltelijk, door derden te worden gebruikt voor de aankomst, het vertrek en de bewegingen van vliegtuigen op het oppervlak.

Het Paritair Subcomité voor de grondafhandeling op luchthavens is niet bevoegd voor de ondernemingen voor grondafhandeling op luchthavens die vallen onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de petroleumnijverheid en –handel, het Paritair Comité voor de schoonmaak, het Paritair Comité voor de handel in brandstoffen, het Paritair Comité voor het hotelbedrijf of het Paritair Comité voor de handelsluchtvaart, uitgezonderd de ondernemingen die luchthavens beheren.

Het paritair comité voor het vervoer en de logistiek is altijd al bevoegd geweest voor het laden en lossen van vliegtuigen. Dat was omdat de luchtvaartmaatschappijen oorspronkelijk zelf zorgden voor bagage en vracht. Inmiddels worden die activiteiten verricht door derden en zijn die derden gaan diversifiëren. Het voornoemde koninklijk besluit van 13 maart 2011 gaat ervan uit dat al die verschillende diensten nog steeds één geheel vormen en wijst ze toe aan het paritair comité voor het vervoer en de logistiek. Dit is vanaf 11 april dus expliciet bevoegd voor alle ondernemingen die actief zijn in grondafhandeling op luchthavens. Een Koninklijk Besluit van 5 maart 2012, richt een Paritair Subcomité (140.04) voor de grondafhandeling op de luchthavens op.

4. Ondernemingen die voor rekening van derden verhuisactiviteiten uitoefenen.

Onder voor rekening van derden wordt verstaan : het uitvoeren van verhuisactiviteiten voor andere natuurlijke of rechtspersonen en onder voorwaarde dat de ondernemingen die voor rekening van derden verhuisactiviteiten uitoefenen op geen enkel ogenblik eigenaar van de betrokken goederen worden.

Onder verhuisactiviteiten wordt verstaan : elke verplaatsing van goederen andere dan handelsgoederen die bestemd zijn of gebruikt worden voor meubilering, inrichting of uitrusting van private of professionele ruimten met daar onder andere inbegrepen : specifieke handelingen zoals beschermen, inpakken, uitpakken, demonteren, laden, lossen, monteren, bewaren, installeren of opstellen, indien nodig met behulp van hef- of hijsmiddelen van allerlei aard.

Het Paritair Subcomité voor de verhuizing is niet bevoegd voor ondernemingen die verhuisactiviteiten uitoefenen die vallen onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw, het Paritair Comité voor het bouwbedrijf, het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, het Paritair Comité voor de sectors die aan de metaal-, machine- en elektrische bouw verwant zijn en het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten.

(...)

Het is vrij logisch dat sinds 17 mei 2007 het bevoegdheidsgebied van het paritair comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de aanverwante bedrijfstakken (PC 226) op dezelfde wijze werd aangepast:  toevoeging van de activiteit Logistiek.  

Bovendien werden er veranderingen aangebracht in het bevoegdheidsgebied van tal van andere paritaire comités (voornamelijk voor arbeiders) die bevoegd zijn voor ondernemingen met logistieke activiteiten. Het zijn volgende paritaire comités:

Er wordt voor de toekomst gepreciseerd dat die paritaire comités « ……niet bevoegd zijn voor de ondernemingen die gelijkgesteld zijn met  de  ondernemingen die voor rekening van derden uitsluitend logistieke activiteiten uitoefenen zoals bepaald in het bevoegdheidsgebied van het paritair comité voor het vervoer en de logistiek, behalve indien die activiteiten een onlosmakelijk onderdeel vormen van een handelsactiviteit.”

Het principe is dus duidelijk: de ondernemingen die voor rekening van derden uitsluitend logistieke activiteiten uitoefenen, vallen onder de bevoegdheid van het PC 140 voor het vervoer en de logistiek, behalve wanneer die activiteiten een onlosmakelijk onderdeel zijn van een handelsactiviteit: in dat geval zal de logistieke activiteit ressorteren onder het bevoegde paritair comité voor de handel (bijvoorbeeld de opslagactiviteit van voedingswaren van  een onderneming die deze voedingswaren verkoopt, zal onder de bevoegdheid vallen van het PC 119 van de handel in voedingswaren).

Traditiegetrouw werd het Paritair Comité op een officieuze wijze onderverdeeld in de volgende subsectoren:

Het waren echter geen officiële paritaire subcomités die opgericht waren bij koninklijk besluit.  De meeste CAO die werden gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek werden evenwel specifiek gesloten ten behoeve van één of meer van die subsectoren.

Vanaf 19 februari 2010 richt het koninklijk besluit van 22 januari 2010 tot oprichting van de paritaire subcomités voor het vervoer en de logistiek en tot vaststelling van hun benaming en bevoegdheid (B.S. van 9 februari 2010), drie officiële paritaire subcomités op voor het vervoer en de logistiek:

De bedoeling van de oprichting van deze officiële paritaire subcomités is een autonomie te geven aan de sociale partners : zij kunnen voortaan collectieve arbeidsovereenkomsten sluiten die eigen zijn aan hun paritair subcomité zonder dat daarvoor een plenaire vergadering van het paritair comité moet bijeengeroepen worden.

In de toekomst zouden er in principe nog twee andere officiële paritaire subcomités moeten worden opgericht: één voor de verhuisondernemingen en een ander voor de afhandeling op luchthavens.

Een paritair subcomité voor de grondafhandeling op luchthavens werd met ingang van 13 april 2012 opgericht bij een Koninklijk Besluit van 5 maart 2012.

En een paritair subcomité voor de verhuizing werd met ingang van 19 oktober 2012 opgericht bij een Koninklijk Besluit van 6 september 2012.

Om te besluiten geven wij u hierna de structuur van de sector:

Op 19 oktober 2012 heeft dus de volgende overgang plaats:

Verduidelijkingen over die activiteiten zijn opgenomen in de documentatie over elk van die subsectoren.

U vindt er ook de te gebruiken RSZ-kengetallen.


Historiek
04/11/2021 31/12/2050 02 Bevoegdheid van het paritair comité
11/03/2010 03/11/2021 02 Bevoegdheid van het paritair comité
13/04/2012 18/10/2012 02 Bevoegdheid van het paritair comité
31/10/2011 12/04/2012 02 Bevoegdheid van het paritair comité
11/04/2011 30/10/2011 02 Bevoegdheid van het paritair comité
19/02/2010 10/04/2011 02 Bevoegdheid van het paritair comité
10/06/2007 18/02/2010 02 Bevoegdheid van het paritair comité
Terug