10 Bijkomende vakantiedagen

Paritair (sub-)Comité nr.:
226.00.00-00.00

Bijwerking: 17/05/2022
Geldig vanaf: 01/01/2022
Geldig tot: 31/12/2049

Sectorale vakantiedag

De bedienden die tijdens het vakantiedienstjaar 12 maanden effectieve of hiermee gelijkgestelde prestaties hebben geleverd als bediende of arbeider, overeenkomstig de wetgeving inzake jaarlijkse vakantie, hebben in het vakantiejaar recht op een sectorale vakantiedag op te nemen bij de werkgever waar zij op de eerste werkdag van het vakantiejaar in dienst waren.

Anciënniteitsvakantie

  • voor bedienden met 5 tot minder dan 10 jaar anciënniteit: 1 werkdag;
  • voor bedienden met 10 tot minder dan 15 jaar anciënniteit: 2 werkdagen;
  • voor bedienden met 15 tot minder dan 20 jaar anciënniteit: 3 werkdagen;
  • voor bedienden met 20 tot minder dan 25 jaar anciënniteit: 4 werkdagen;
  • voor bedienden met 25 tot minder dan 30 jaar anciënniteit: 5 werkdagen;
  • voor bedienden met 30 tot minder dan 35 jaar anciënniteit: 6 werkdagen;
  • voor bedienden met 35 tot minder dan 40 jaar anciënniteit: 7 werkdagen;
  • voor bedienden met ten minste 40 jaar anciënniteit: 8 werkdagen.

Bijkomende halve verlofdagen

  • de namiddag van de Goede Vrijdag;
  • de namiddag van 2 november;
  • de namiddag van  26 december;

Regionale verlofdagen

  • 11 juli in het Nederlandstalig landsgedeelte,
  • 27 september in het Franstalig landsgedeelte,
  • 15 november in het Duitstalig landsgedeelte.

De sociale partners binnen het Paritair comité voor de bedienden van het internationale handel, het transport en de logistiek hebben op 6 december 2021 een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten van onbepaalde duur betreffende sectorale verlofdagen en klein verlet (nr. 172213/CO/226). 

1. Toepassingsgebied

Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de bedienden van de ondernemingen die onder de bevoegdheid vallen van het Paritair Comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de logistiek.

2. Anciënniteitsdagen

2.1 Toekenning van het recht

De bedienden die tijdens het vakantiedienstjaar 12 maanden effectieve of hiermee gelijkgestelde prestaties hebben geleverd als bediende of arbeider, overeenkomstig de wetgeving inzake jaarlijkse vakantie, hebben in het vakantiejaar recht op een sectorale vakantiedag op te nemen bij de werkgever waar zij op de eerste werkdag van het vakantiejaar in dienst waren.

  • voor bedienden met 5 tot minder dan 10 jaar anciënniteit: 1 werkdag;
  • voor bedienden met 10 tot minder dan 15 jaar anciënniteit: 2 werkdagen;
  • voor bedienden met 15 tot minder dan 20 jaar anciënniteit: 3 werkdagen;
  • voor bedienden met 20 tot minder dan 25 jaar anciënniteit: 4 werkdagen;
  • voor bedienden met 25 tot minder dan 30 jaar anciënniteit: 5 werkdagen;
  • voor bedienden met 30 tot minder dan 35 jaar anciënniteit: 6 werkdagen;
  • voor bedienden met 35 tot minder dan 40 jaar anciënniteit: 7 werkdagen;
  • voor bedienden met ten minste 40 jaar anciënniteit: 8 werkdagen.

2.2 Modaliteiten

Voor de toekenning van anciënniteit, zijn de hiernavolgende regels van toepassing:

  1. Bedienden tewerkgesteld in een onderneming die tot 31 december 1997 ressorteerde onder het Paritair Comité nr. 213 of in een onderneming die pas na die datum voor het eerst bedienden tewerkstelde.
    Voor de bedienden in dienst op 31 december 1999 wordt rekening gehouden met de anciënniteit bereikt op 31 december van het vakantiedienstjaar. Hierbij komen de perioden in aanmerking gedurende welke de vakantiegerechtigden als bediende onderworpen zijn geweest aan de wetgeving op de sociale zekerheid der werknemers.
    Voor de bedienden die in dienst komen na 31 december 1999 wordt rekening gehouden met de anciënniteit bereikt op 31 december van het vakantiedienstjaar. Hierbij wordt enkel rekening gehouden met de perioden van tewerkstelling als bediende in een onderneming die ressorteerde onder het Paritair Comité nr. 226 en/of vóór 1 januari 1998 onder het Paritair Comité nr. 213.
  2. Bedienden tewerkgesteld in een onderneming die tot 31 december 1997 ressorteerde onder het Paritair Comité nr. 218.
    Voor de toekenning van anciënniteitsvakantie wordt rekening gehouden met de anciënniteit bereikt op 31 december van het vakantiedienstjaar. Hierbij wordt enkel rekening gehouden met de perioden van tewerkstelling als bediende in een onderneming die ressorteerde onder het Paritair Comité nr. 226 en ten vroegste vanaf 1 januari 1998. Bestaande gunstigere regelingen blijven van toepassing zonder dat er cumul kan zijn met eventuele bijkomende vakantiedagen die reeds op het vlak van de onderneming zouden zijn toegekend.

Voor de arbeidsovereenkomsten afgesloten vanaf 1 juli 2019 worden de dagen van effectieve tewerkstelling als uitzendbediende, die in de 24 maanden onmiddellijk voorafgaand aan het sluiten van de arbeidsovereenkomst in dezelfde onderneming werden gepresteerd, in aanmerking genomen voor het berekenen van de anciënniteitsvakantie.

Het aantal dagen van effectieve tewerkstelling als uitzendbediende wordt omgerekend naar maanden op basis van de volgende formule:

aantal dagen van effectieve tewerkstelling als uitzendbediende gepresteerd in dezelfde onderneming in de 24 maanden onmiddellijk voorafgaand aan de arbeidsovereenkomt (beperkt tot maximum 442 dagen) gedeeld door 18,4 en vervolgens afgerond op het lagere aantal maanden.

3. Halve dagen sectoraal verlof

De volgende halve verlofdagen, met vrijaf 's namiddags, worden toegekend:

  • tweede Nieuwjaarsdag (2 januari);
  • Goede Vrijdag;
  • Allerzielen (2 november);
  • tweede Kerstdag (26 december).

Rekening gehouden met de veralgemening van de viering van Kerstmis, staat het de werkgever vrij 's voormiddags van de tweede Kerstdag verlof te geven ter vervanging van de namiddag van de tweede Nieuwjaarsdag.

Wanneer Nieuwjaar, Allerheiligen en Kerstmis samenvallen met een zondag en vervangen worden door de dag nadien, wordt er voor de halve verlofdagen hierboven voorzien voor tweede Nieuwjaarsdag, Allerzielen, of tweede Kerstdag, naargelang het geval, aan iedere bediende individueel een halve dag inhaalrust toegekend. Ook wanneer de tweede Nieuwjaarsdag, Allerzielen of de tweede Kerstdag op een zaterdag of een zondag vallen, wordt er aan iedere bediende individueel een halve dag inhaalrust toegekend.

Afwijkende modaliteiten van toekenning en vervanging kunnen worden bepaald in onderling overleg met de geëigende overlegorganen in het vlak van de onderneming.

4. Klein verlet

(…) Zie onze sectorale documentatie Hfdst. 13.

5. Regionale verlofdagen

Er wordt een bijzondere verlofdag toegekend als « regionale verlofdag » op de data bij decreet vastgesteld door de regionale cultuurraden:

  • 11 juli in het nederlandstalig landsgedeelte,
  • 27 september in het franstalig landsgedeelte,
  • 15 november in het duitstalig landsgedeelte.

Wanneer de regionale verlofdag samenvalt met een zaterdag of een zondag, wordt een vervangingsdag toegekend.

De modaliteiten van toekenning en vervanging van de regionale verlofdag worden bepaald in onderling overleg op het vlak van de onderneming.

6. Vaderschapsverlof

De werknemer heeft conform artikel 30 §2 van de wet van 3 juli 1978 betreffende arbeidsovereenkomsten, het recht om afwezig te zijn van zijn werk bij de geboorte van een kind waarvan de afstamming jegens hem bewezen is.

7. Adoptieverlof

De werknemer heeft recht op adoptieverlof conform de bepalingen van artikel 30ter van de wet van 3 juli 1978 betreffende arbeidsovereenkomsten.

8. Inwerkingtreding en eindbepalingen

Deze cao vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 juli 2019 betreffende de vakantie, het kort verzuim, de wettelijke feestdagen en de regionale verlofdagen, nr. 152893/CO/226.

Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2022 en is gesloten voor een onbepaalde tijd.

Zij kan door elk van de partijen geheel of gedeeltelijk worden opgezegd mits een opzegging van drie maanden, betekend aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de bedienden uit de internationale handel, het vervoer en de logistiek en aan de daarin vertegenwoordigde organisaties.

 

Toepasselijke collectieve arbeidsovereenkomst: om de integrale tekst te lezen, klik op het registratienummer.

Datum CAO
06/12/2021
Registratienr
172213
Geldig van
-
Geldig tot
-
Neerleggingsdatum
06/04/2022
Registratiedatum
26/04/2022
Onderwerp
Sectorale verlofdagen en het kort verzuim
BS Bericht van neerlegging
12/05/2022
Algemeen verbindend verklaring
Gevraagd
Algemeen verbindend verklaard door Koninklijk Besluit van
-
Gepubliceerd in het B.St. van
-
Keywords
BETAALDE VERLOFDAG (GEEN ADV- OF COMPENSATIEDAG) EN FEESTDAG, ARBEIDSDUURMODALITEITEN, KLEIN VERLET, OUDERE WERKNEMERS-EXCL.AANV. PENSIOEN, BRUGPENSIOEN(SWT),TIJDSKREDIET
Tekst aangepast op
03/05/2022

Historiek
01/01/2022 31/12/2049 10 Bijkomende vakantiedagen
01/01/2020 31/12/2021 10 Bijkomende vakantiedagen
01/07/2019 31/12/2019 10 Bijkomende vakantiedagen
01/01/2015 30/06/2019 10 09 Regionale verlofdagen
01/01/2015 30/06/2019 10 Bijkomende vakantiedagen
01/01/2003 31/12/2014 10 09 Regionale verlofdagen
01/01/2003 31/12/2014 10 Bijkomende vakantiedagen
01/01/2002 31/12/2002 10 Bijkomende vakantiedagen
01/01/2000 31/12/2002 10 09 Wettelijke feestdagen en regionale verlofdagen
01/01/2000 31/12/2001 10 Bijkomende vakantiedagen
Terug